3D-prints laten nabewerken

Een onderdeel komt van de printer met de maten die je hebt getekend, en met zichtbare laaglijnen. Wat daarna gebeurt — ontsteunen, schuren, plamuren, primeren, spuiten — bepaalt hoe het eruitziet. Elke stap bouwt op de vorige.

Nabewerken is alles wat er na het printen met een onderdeel gebeurt om het er anders uit te laten zien of aanvoelen. Het verwijderen van supports hoort bij het printen en zit er altijd bij; schuren, plamuren, primeren en verven zijn extra werk dat je erbij kiest.

Meestal wordt het als afvinklijstje gepresenteerd, alsof je er willekeurig stappen uit kunt pikken. Zo werkt het niet. Het is een ladder: ruw van de printer, ontsteund en bijgewerkt, geschuurd, geplamuurd en geprimerd, en dan pas gespoten. Je kunt er niet middenin instappen.

Dat komt door één misverstand: verf vult laaglijnen niet op. Een laklaag legt zich over het reliëf heen en weerkaatst het licht gelijkmatig, waardoor elke groef juist scherper in beeld komt. Schuren is dus geen luxe maar de voorwaarde voor een net geverfd resultaat. Bij SLA begin je een paar treden hoger, omdat de lagen daar nauwelijks te zien zijn.

Nabewerken in het kort

Waar je van uit kunt gaan.

Zit er altijd bijSupports weghalen; hars wassen en na-uitharden
Extra werkSchuren, plamuren, primeren, spuiten, airbrushen
VolgordeElke trede bouwt op de vorige
Verf en laaglijnenVerf verbergt laaglijnen niet, die vallen juist op
MaatvoeringSchuren neemt weg, lak bouwt op
DoorlooptijdAfwerking verlengt de levertijd

Wat inbegrepen is en wat extra werk is

Twee dingen zitten er altijd bij. Supports verwijderen hoort bij het 3D printen: een onderdeel gaat niet met steunmateriaal eraan de doos in. En een hars-print wordt altijd gewassen en na-uitgehard — geen afwerking, maar een verplichte processtap, zonder welke het onderdeel niet af is.

Alles daarna is handwerk dat per opdracht wordt afgestemd: de hoeveelheid werk hangt af van het model, het materiaal en hoe ver je wilt gaan.

  • Hoort bij het printen: Supports weghalen en de aanhechtpunten wegknippen. Bij hars ook wassen en na-uitharden: anders blijft er onuitgeharde hars achter en verandert het onderdeel nog van vorm.

  • Extra werk, apart afgestemd: Schuren, plamuren, primeren, spuiten, airbrushen, lijmen en monteren, polijsten. Elke stap komt per exemplaar terug.

De afwerkingsladder

Vijf treden. Per trede: wat je krijgt en wat je inlevert.

01

Ruw van de printer

Je krijgt: de maten uit je bestand, geen verlies van detail, de laagste prijs. Je levert in: een zichtbaar geprint oppervlak.

02

Ontsteund en bijgewerkt

Je krijgt: geen bramen of scherpe restjes, klaar om te monteren. Je levert in: vrijwel niets, dit hoort bij het printen. De laaglijnen blijven.

03

Geschuurd

Je krijgt: laaglijnen die grotendeels verdwijnen, een egale matte huid. Je levert in: tijd en geld, plus scherpe randen en fijn reliëf die meegaan.

04

Geplamuurd en geprimerd

Je krijgt: gevulde putjes en naden, één egale ondergrond waarop je ziet wat nog niet klopt. Je levert in: schuurwerk tussendoor en opbouw op alle maten.

05

Gespoten of geairbrusht

Je krijgt: kleur en afwerking, een onderdeel dat niet meer als print te herkennen is. Je levert in: de meeste arbeid, en lak die krappe passingen dichtzet.

Waarom je er niet middenin kunt instappen

Elke trede maakt het werk van de volgende mogelijk. Plamuur hecht slecht op een glad, ongeschuurd oppervlak. Grondverf laat zien wat er nog gevuld moet worden, en niet andersom. Lak over ongeschuurde lagen geeft een glanzend onderdeel met de laaglijnen er nog in.

Schuren is de scharniertrede: alles erna is alleen zo goed als het schuurwerk eronder. Wie die stap overslaat en meteen naar grondverf gaat, betaalt voor een bewerking die het probleem zichtbaar maakt in plaats van oplost. De ladder helemaal op hoeft niet: stoppen op trede twee is bij een functioneel onderdeel meestal het verstandigst.

01

Schuren

Met steeds fijnere korrel wordt het oppervlak vlak gemaakt. Voor zichtvlakken, en verplicht voorwerk vóór verf.

ZichtvlakkenVoorwerk voor lak
02

Plamuren en primeren

Plamuur vult de putjes die het schuren overlaat; grondverf maakt er één kleur van en verraadt wat nog niet glad is.

Naden en putjesEgale ondergrond
03

Spuiten

Een egale kleurlaag over het hele onderdeel, zonder streken. Voor onderdelen in één vaste kleur, ook als die exact moet kloppen.

Eén egale kleurHuisstijlkleur
04

Airbrushen

Een fijne straal die met de hand wordt gestuurd, voor verlopen, schaduw en accenten. Voor modellen waar het beeld voorgaat op een vlakke tint.

Verloop en schaduwMiniaturen
05

Lijmen en monteren

Losse delen worden tot één geheel gezet en de naad weggewerkt. Voor modellen te groot voor het printbed, of opgebouwd uit meerdere kleuren.

Grote modellenOnzichtbare naad
06

Polijsten

Na fijn schuren wordt het oppervlak opgewreven tot het glanst. Voor harde materialen en vlakken die moeten spiegelen.

Glans zonder lakHeldere vlakken

Spuiten of airbrushen

Spuiten legt één egale kleur over het hele onderdeel en is de route als een tint exact moet kloppen met een huisstijl. Wat het niet doet, is een verloop of een patroon.

Airbrushen kan dat wel: kleurovergangen, schaduw en detail op kleine vlakken, met de hand opgebouwd. Het is handwerk per exemplaar en daarmee de bewerkelijkste trede. Zit de kleur al in het filament of de hars, dan is verven niet nodig; wat er met kleur uit de machine zelf kan, staat op een eigen pagina.

Het materiaal bepaalt wat er kan

Niet elk materiaal laat zich even goed afwerken. Flexibel materiaal is de duidelijkste uitzondering: het geeft onder het schuurpapier mee, en verf hecht er slecht op omdat de laag meebeweegt en dan scheurt of loslaat.

  • PLA en resin: Goed te schuren en goed te spuiten. Resin begint met een fijner oppervlak, dus minder schuurwerk.

  • PETG: Taaier. Bij schuren smeert PETG eerder dicht dan dat het stof afgeeft, waardoor je langer bezig bent.

  • ABS en ASA: Goed te schuren en goed te lijmen. ABS en ASA reageren op aceton, wat naden wegwerkt maar fijn detail aantast.

  • Flexibel (TPU): Nauwelijks te schuren en slecht te verven. Kies hier de kleur van het materiaal zelf.

Nabewerken verandert de maat

Schuren neemt materiaal weg en elke laag plamuur, grondverf en lak bouwt juist op. Een passing die krap is, past na het lakken mogelijk niet meer. Is een maat kritisch — een asgat, een schroefdraad, een klemverbinding — geef dat dan vooraf door, dan houden we die vlakken vrij. Wat er sowieso al aan maatnauwkeurigheid in het printproces zit, staat in de kennisbank.

Bij één stuk valt het weg, bij dertig niet

Nabewerken is handwerk dat per stuk terugkomt. Een printer draait een tweede exemplaar zonder dat er iemand bij staat; schuren, plamuren en spuiten moet iemand dertig keer opnieuw doen.

Bij één exemplaar valt dat weg in het totaal. Bij een serie kantelt de verhouding en is de afwerking vaak de grootste kostenpost, groter dan het printen zelf. Dan loont het om dit in het ontwerp op te lossen: een vlak zo oriënteren dat er geen supports op komen, of kiezen voor een materiaalkleur in plaats van lak. Bij kleine series levert die afweging meer op dan bij een los onderdeel.

Wanneer nabewerken loont en wanneer niet

Laat nabewerken als

  • Het onderdeel in het zicht staat of vastgepakt wordt
  • De kleur moet kloppen met een huisstijl of een bestaand deel
  • Het om een presentatiemodel of een miniatuur gaat
  • Losse delen één geheel moeten worden zonder zichtbare naad
  • Het oppervlak glad moet zijn omdat er iets overheen schuift

Sla het over als

  • Het onderdeel uit het zicht zit, in een behuizing of onder een kap
  • Het een functioneel testmodel is dat alleen hoeft te bewijzen dat het past
  • Het om een serie gaat waarin het handwerk de kostprijs bepaalt
  • Het detail zo fijn is dat schuren het wegneemt
  • De kleur uit het filament al doet wat je nodig hebt

Veelgestelde vragen over nabewerken

Nog niet zeker wat je nodig hebt

Stuur je model en beschrijf hoe het eruit moet zien

Vertel waar het onderdeel komt te staan, welke vlakken in het zicht zitten en om hoeveel stuks het gaat. Dan laten we weten welke treden zinvol zijn.

  • Supports verwijderen zit er altijd bij
  • Advies over welke treden je kunt overslaan
  • Print doorgaans 7–10 werkdagen, bevestigd bij het bestellen
Overleg over de afwerking