Printsnelheid

De printsnelheid bepaalt hoe snel de printkop (nozzle) zich verplaatst tijdens het extruderen van materiaal, uitgedrukt in millimeters per seconde (mm/s). Het is een van de meest invloedrijke instellingen binnen de slicer, met directe gevolgen voor zowel de totale printtijd als de visuele en mechanische kwaliteit van het eindproduct.

Hoewel moderne 3D-printers (zoals CoreXY-systemen) steeds hogere snelheden aankunnen, blijft de fysieke limiet van het filament vaak de beperkende factor. Een te hoge snelheid kan leiden tot underextrusion, slechte laaghechting en visuele artefacten.

Snelheidsinstellingen per segment

In geavanceerde slicers is 'printsnelheid' niet één vaste waarde. Voor een optimaal resultaat worden verschillende snelheden gehanteerd voor specifieke delen van de print:

  • Outer Wall (Buitenwand): Lage snelheid (30-60 mm/s). Dit is de enige zichtbare laag; traag printen zorgt voor een strakke oppervlakteafwerking en nauwkeurige afmetingen.
  • Inner Wall & Infill: Hoge snelheid (60-150+ mm/s). Deze delen zijn niet zichtbaar, dus hier kan tijd gewonnen worden zonder esthetisch verlies.
  • First Layer (Eerste laag): Zeer traag (10-25 mm/s). Cruciaal voor een goede hechting aan het printbed. Snelheid is hier ondergeschikt aan stabiliteit.
  • Travel Speed: Maximaal (150-300+ mm/s). De beweging zonder extrusie. Een hoge travel speed vermindert de kans op 'stringing' en 'oozing' tijdens verplaatsingen.

Relatie met Temperatuur en Flow

Snelheid kan niet los worden gezien van de hotend-temperatuur. Hoe sneller je print, hoe meer plastic er per seconde gesmolten moet worden (volumetric flow rate). Als de nozzle het materiaal niet snel genoeg kan smelten, ontstaat underextrusion (gaten in de print). Bij het verhogen van de snelheid is het vaak noodzakelijk om ook de printtemperatuur iets te verhogen om de viscositeit van het filament laag te houden.

Problemen bij te hoge snelheid

Het overschrijden van de mechanische of thermische limieten van de printer resulteert in specifieke defecten:

  • Ringing / Ghosting: Een golvend patroon op het oppervlak, veroorzaakt door trillingen van de printer bij abrupte richtingsveranderingen op hoge snelheid.
  • Slechte Laaghechting: Als het materiaal te snel wordt neergelegd en niet voldoende tijd heeft om te smelten en te hechten aan de vorige laag, wordt het model bros.
  • Layer Shifting: Wanneer de stappenmotoren de snelheid of acceleratie niet kunnen bijbenen en stappen overslaan, verschuift de hele printlaag.

Conclusie

De ideale printsnelheid is een compromis. Voor esthetische modellen of prototypen waarbij maatvastheid telt, is een lagere snelheid (40-60 mm/s) aan te raden. Voor functionele onderdelen of snelle drafts kan de snelheid opgeschroefd worden, mits de hotend voldoende volumetric flow kan leveren. Experimenteer met variabele snelheden voor binnen- en buitenmuren om de beste balans tussen tijd en kwaliteit te vinden.

DisclaimerDe informatie in dit artikel is bedoeld voor algemene informatiedoeleinden. Gebruik van deze informatie is geheel op eigen risico.